donderdag 25 februari 2010

Here It Is

En weer een klein stukje.

Veel leesplezier!!!
------------------------------------------------------------------------------
Eenmaal aangekomen bij de dokterspraktijk wordt hij opgevangen door de geschrokken baliemedewerkster. De vrouw vangt hem op en begeleidt hem snel naar een kamertje. Hij wordt op een hard bed neergelegd, al wachtend op de dokter.
Na een minuut of tien komt de arts binnen gelopen. Hij buigt zich over de jongen en bekijkt de gebroken neus. Zijn adem ruikt naar pepermunt.
“Dat ziet er slecht uit”, zegt de arts met een baritonstem.
Hij loopt naar een grot tafel achter hem en opent een wit kastje. Daar haalt hij ontsmettingsdoekjes, verband en tape uit, evenals andere benodigdheden. Via de intercom van zijn telefoon vraagt hij assistentie en daarna loopt hij weer terug naar de jongen.
Twee minuutjes later wordt de deur open gedaan en stapt de assistente van de dokter binnen. Ze is een mooie, jonge vrouw in dezelfde leeftijd als de gewonde jongen. Haar stralende blauw/groene ogen vallen het meest op. Daarnaast danst haar paardenstaart op en neer bij elke stap die ze zet. Haar rondingen komen haast niet naar buiten in haar hagelwitte artsenkostuum, maar dat ze een mooi lichaam heeft is zeker wel te constateren. Ze loopt door naar de tafel en wast haar handen. Als ze haar handen afgedroogd heeft trekt ze latex handschoenen aan voor de hygiëne. Met een glimlach loopt ze naar de dokter toe. Haar hagelwitte tanden steken prachtig af tegen haar mooie volle lippen.
De arts en zijn assistente doen beiden een mondkapje voor en buigen zich over de jongen. Tijd om zijn gebroken neus te behandelen. Eerst ontsmetten ze het en maken het schoon. Het bloeden wordt gestelpt en de neus wordt goed ingezet. Daarna gaat er verband overheen en wordt de neus via de nek van de jongen strak ingetapet. Zo zou de twintiger een tijdje moeten lopen totdat het weer geheeld is.
“Blijft u maar even liggen, dan kom ik zo terug”, zegt de arts en hij en zijn assistente verlaten de kamer. De jongen kijkt schichtig om zich heen en neemt de kamer in zich op. De behandeling was niet geheel pijnloos, maar was zeker wel nodig. Na een minuut of 10 valt hij in slaap, gedeeltelijk overmand door de pijn en zijn vermoeidheid.

Een kletterend geluid van metaal op metaal laat de jongen wakker schrikken. Hij moet zich even oriënteren waar hij zich ook alweer bevindt.
“Ah, je bent weer wakker”, hoort hij iemand zeggen.
Met grote, geschrokken ogen kijkt hij naar links en ziet daar de dokter staan. Deze is zijn instrumenten aan het reinigen. De jongen herinnert zich alles weer en wil opstaan vanaf het bed. Voordat hij überhaupt een voet aan de grond heeft gezet wordt hij helemaal dizzy en draaierig.
“Ho, ho, rustig aan”, roept de toegesnelde dokter hem toe. “Zorg ervoor dat je rustige bewegingen maakt. Kom! Ga maar even op de rand zitten.”
De dokter ondersteunt de jongen loopt even terug naar zijn bureau. Daar haalt hij een lampje vandaan en schijnt daarmee even kort in de ogen van de jongen. Daarna onderzoekt hij de twintiger verder en constateert met een goedkeurend knikje dat het goed zit. Daarna loopt hij weer terug naar zijn bureau en ploft neer in zijn stoel. Met deze stoel rijdt hij naar de jongen toe.
“Wat is er gebeurd?”, vraagt hij de twintiger.
De jongen kijkt verdwaast op. “Wat bedoeld u?”
“Nou, hoe je aan die gebroken neus gekomen bent natuurlijk.”
“Ow, dat is een ongelukje. Ik ben hard gevallen.”
“Weet je het zeker? Want dan moet je wel heel hard gevallen zijn wil dit gebeuren.”
“Ja, ik weet het zeker!”, antwoordt de jongen kort. “Ik rolde vol van de trap naar beneden”, zegt hij aanvullend.
Niet helemaal overtuigd knikt de arts en keert zich in een diep peinzen.

--------------------------------------------------------
Written by D.J. Reijsen

dinsdag 23 februari 2010

Sweet Inspiration



Al een tijdje geen bericht van mij. Maar wees gerust, de inspiratie laat me niet in de steek. Alleen heb ik het nu druk met andere (belangrijkere) zaken. Sweet Inspiration is stayin'

woensdag 10 februari 2010

New Chapter

....
Het is later die middag, het begint al een beetje te schemeren terwijl de regen aanhoudt. De straten zijn volledig uitgestorven, hier en daar waait een verdwaald papiertje weg. Iedereen zit lekker binnen, te schuilen voor de regen. Bijna iedereen, want de twintiger ligt nog steeds op de grond in het steegje. Het bloed komt uit zijn neus, verdund door de regen lijkt het er uit te stromen. Niemand merkt hem op, het is wachten totdat hij zelf weer bijkomt.
Een deksel van een prullenbak wordt gegrepen door de wind en rolt kletterend het steegje door. Al rollend raakt de deksel het linkerbeen van de twintiger. Dit lijkt precies het laatste zetje te zijn dat de jongen nodig heeft om weer bij bewustzijn te komen. Geschrokken en ietwat duf doet hij zijn ogen open en kijkt om zich heen om te bepalen waar hij zich bevindt. Teleurgesteld in zichzelf schudt hij zijn hoofd en probeert rustig overeind te komen, met zijn linkerhand al wrijvend over zijn hoofd. Een veeg met de rug van zijn hand langs zijn neus doet hem pijn. Hij kijkt en ziet dat zijn hand rood is van het bloed, zijn neus is zeker gebroken. Hij moet echt naar een dokter toe, die moet er echt even naar kijken. Als strompelend loopt hij weer naar de hoofdstraat en slaat linksaf de Grote Laan in, aldaar loopt hij de gehele straat uit weer de Buitenstraat op. Via de Buitenstraat wil hij de Boulevardweg inlopen, totdat hij toegeroepen wordt.
“Hey, gaat het wel?”, roept een man.
Totaal geconcentreerd loopt de twintiger gewoon door zonder te reageren op het geroep, als hij het überhaupt wel gehoord heeft. Hij moet de Boulevardweg door naar de Octopusstraat, daar is een dokter. Stapje voor stapje vervolgt hij zijn weg terwijl het regen tegen zijn kletsnatte schouders blijft slaan. Verstrikt draait hij zich om als er een hand op zijn schouders wordt gelegd.
Het is de man die naar hem riep. Hij is met zijn paraplu in de hand naar de twintiger toe komen lopen en hen beiden zo droog.
“Rustig maar jongen, gaat het wel?”, zegt de man rustgevend. “Je ziet er echt verschrikkelijk uit”, gaat hij verder.
De twintiger staart hem alleen maar een beetje verdwaast aan en antwoord alleen maar met een knikje. Waar kent hij die man toch van?
“Mijn broer heeft een stukje verderop een platenzaak. Loop anders mee, dan kan je daar schuilen en bellen we ondertussen een arts”, stelt de man voor.
De twintiger weet precies om welke platenzaak het gaat en schudt heftig zijn hoofd. Geschrokken door zijn schuld zet hij op een lopen, richting de Octopusstraat. De man totaal verbaasd achterlatend.
-----

Written by Daniël Reijersen

maandag 8 februari 2010

You'll be Waiting

Vandaag weer een aardig stuk geschreven. Even doorlezen en deze week komt er dan weer wat nieuws te lezen voor jullie

maandag 1 februari 2010

The Story Continues

.....Verslagen laat de twintiger zijn armen langs zijn lichaam zakken. Hij weet dat hij nooit tegen deze overmacht op kan. Was hij maar nooit met ze in zee gegaan, of was het cd’tje maar nooit uit zijn tas gevallen. Dan had hij in ieder geval nooit deze problemen gehad.
“Oké, jullie je zin. Laten we overgaan tot jullie deel van de overeenkomst”, zegt de twintiger.
De leider van het groepje knikt en geeft een kort knikje naar de bullebak. Die grijnst en draait zich van de twintiger af. Met de snelheid van een hogesnelheidstrein draait is zich met een ruk weer om en slaat de twintiger met gebalde vuist vol op de neus. De jongen gaat, totaal verrast, neer. Voordat hij het weet krijgt hij nog twee schoppen na, waarvan één op zijn hoofd. Door deze treffer verliest hij het bewustzijn.
De mannen grinniken en stappen over de jongen heen, de straat weer in. Hun buit is binnen en ze hebben er zelf niks voor terug hoeven geven. En dat de jongen wraak neemt lijkt ze ook zeer onwaarschijnlijk. Wat wil hij immers beginnen tegen de overmacht van de groep. Want de bende bestaat zeker niet alleen uit hun vier, ze hebben nog wel meer kameraden voor handen.

[nieuw hoofdstuk start hierna]
-----------------------------------------------------------

Written by Daniël Reijersen