donderdag 28 januari 2010

The story continues

En weer een stukje erbij.

Wederom aub niet dupliceren.
------------------------------------------------------------
De twintiger loopt rustig de winkel uit, de straat op. Daar is het al lichtjes gaan miezeren. Als sloffend loopt hij de Buitenstraat in, half struikelend over omhoog zittende straatstenen. Al die tijd zijn rugtas stevig onder zijn armen klemmend.
Via de Buitenstraat loopt hij over de stoep langs een paar uitgestorven winkeltjes naar de Naastenweg. De groenteboer groet hem, maar hij kijkt niet op of om.
Bij de Naastenweg komt hij uit bij een klein steegje, waar hij in loopt. Het is een vrij brede steeg met groezelige muren vol met graffiti en andere vlekken. De warme geur van urine komt je tegemoet en de containers die de steeg vullen zitten overvol met de meest uiteenlopende troep. In het midden staat een groot gazen hek met een klein deurtje erin. De twintiger opent het deurtje en loopt verder de steeg in, waar het donkerder en donkerder wordt. Helemaal aan het eind brand een zwak lichtje en staan een viertal mannen. De twintiger loopt hun kant op en voordat hij de kans heeft de mannen te groeten hebben ze hem al opgemerkt en omsingelen hem. Één van de mannen houdt een lang mes voor zich om de twintiger af te schrikken.
Het zijn vier mannen rond de dertig á veertig jaar. De man met het mes is de kleinste van het stel, maar wel stevig gebouwd. Zijn shirt zit strak om zijn spieren gespannen. Hij kijkt de twintiger aan met een smalende grijns op zijn bebaarde gezicht.
“Is het gelukt?”, vraagt de middelste man. Duidelijk de leider van het viertal, dat zie alleen aan de manier waarop hij staat en hoe de andere drie hem respectvol aankijken. Hij een lange man, ronde één meter vijfennegentig. Een gladgeschoren gezicht en felle, groene ogen. Met een wat vaderlijke blik kijkt hij neer op de twintiger, terwijl het leer van zijn jasje bij elke beweging een piepend geluidje maakt.
“Ja, het is gelukt”, antwoordt de jongen. Ondertussen kijkt hij het viertal rond, inschattend wat hij kan verwachten. De man die de leiding heeft kent hij wel. En de man met het mes heeft hij ook al eerder gezien, maar die andere twee zijn totaal nieuw voor hem. De één is een bonkige man van het type eerst rammen dan vragen. Echt iemand die ze mee hebben genomen voor de brute kracht, om de belaagden af te schrikken. De vierde is een nettere man, mooie pantalon met een nette blouse. Zijn suède jas toont natte vlekken van de aanhoudende regen. De man heeft iets hautains over zich. Met een kleine glimlach kijkt hij op de twintiger neer.
“Laat maar zien dan”, zegt de nettere man en hij steekt zijn hand uit naar de jongen.
De jongen opent zijn rugtas en haalt er een grote plastictas uit. Deze overhandigd hij aan de man. De man trekt de tas open en werpt een korte blik in de tas. Hij knikt goedkeurend en geeft het door aan de leider van het groepje. Deze inspecteert ook kort de inhoud van de tas en bergt het op in een schoudertas, die hij zelf draagt.
De twintiger wil zijn rugtas weer dichtritsen als er een plastic, vierkant doosje uitvalt. Geschrokken bukt hij razendsnel en pakt het voorwerp van de grond om het snel weer in zijn tas te stoppen.
“Wat heb je daar?”, vraagt de leider.
“Uh, uh, niks”, antwoordt de jongen hakkelend. Hij draait zich om, om weer weg te lopen. Maar de bonkige man houdt hem tegen.
“Laat eerst maar zien, dan bepalen wij wel of het niks is”, zegt de leider. Hij loopt rustig naar de jongen toe, hem indringend aankijkend.
Er zit voor de jongen niks anders op en hij stopt zijn hand in zijn rugtas. Daar haalt hij het voorwerp uit en geeft het aan de man.
“Kijk eens aan, een cd’tje. En dat vindt jij niks? En ik altijd maar denken dat je zo’n groot muziekliefhebber bent. Maar als je een cd als niks betiteld dan zal dat ook wel meevallen. Zal ik het dan maar voor je bewaren, dan wordt er in ieder geval iets mee gedaan.”
“Nee, nee, het is meer niks voor jullie. Voor mij is het belangrijk”, antwoord de twintiger.
De mannen barsten in lachen uit en kijken elkaar smalend aan.
“Alles is iets voor ons”, zegt de nettere man.
“Trouwens”, valt de leider hem bij. “Hoe kom je hier aan?”
“Volgens mij heb jij nooit genoeg geld om dit zelf aan te schaffen. Dus je zal er wel op een andere manier aan gekomen zijn. En nu kan ik natuurlijk naar het winkeltje van Donny gaan, maar of hij blij zal zijn om te horen dat hem bestolen hebt is een tweede. Dus weet je wat, wij bewaren het wel voor je, dan hoort Donny ook niks van ons.”
........ (the story continues here)..........


[Written by Daniël Reijersen]

dinsdag 26 januari 2010

Een Beginntje, deel 2

Na een paar tips heb ik het één en ander herschreven in het begintekstje. Bij deze de aangepaste tekst:

---------------------------------
Je ziet ze niet vaak meer en het is vooral een kwestie van goed zoeken of horen van. Toch wisten we er weer één te vinden. Op de hoek waar de Buitenstraat en de Boulevardweg in elkaar over gaan. Precies op de plek waar het commerciële gedeelte van de stad overloopt in een soort achterbuurt. Geen achterbuurt in de vorm van een ghetto, maar wel een achterbuurt in de vorm van oude gebouwen en achterstallig reparatie- en restauratiewerk. De daken van de huizen missen dakpannen, het verf bladdert van de houten muren af en de stoepen liggen scheef en doorgezakt naast de straat. De stenen huizen vertonen scheuren van het doorzakken en tussen de stenen is nog maar weinig cement over. Aan de zijkanten van een flatgebouw staan de restauratiestellingen opgesteld. Omgeven door vale doeken om de wind tegen te houden voor de arbeiders. Typisch zo’n straat waar je ’s nachts liever niet doorheen loopt.
Daar, op die hoek vinden we nog zo’n ouderwetse platenzaak. Zo’n heerlijk zaakje waarin de geur van kartonnen vinylhoezen je tegemoet komt. Zo’n zaakje waar ze dus ook gewoon nog vinyl verkopen. Zo’n zaakje met een brede collectie. En als je niet kan vinden wat je zoekt, dan vinden zij altijd wel een manier om aan de gewenste plaat te komen. Zo’n heerlijk zaakje waar je ook op een rustige manier kan luisteren naar je stapeltje cd’s of platen die je uit de schappen hebt getrokken. Alles staat ook netjes op genre en binnen het genre op alfabet. Ze blijken gelukkig nog te bestaan, die mooie platenzaakjes.
Deze platenzaak is vrij groot. Genoeg ruimte om veel muziek te herbergen. Het geluid van Sly & the Family Stone’s Stand komt je door de openstaande deur tegemoet. Op de fauteuils zitten een paar mensen onder het genot van een bakje koffie of kopje thee muziek te luisteren. Koptelefoon op het hoofd, volledig afgeschermd van de buitenwereld, vol in de sfeer van de muziek. Achter de toonbank staat de eigenaar. Een wat oudere man met een groezelige baard, maar in een nette spijkerbroek gestoken met daarboven een wit t-shirt met lange mouwen. Hij staat rustig te praten met een klant, terwijl een jongere medewerker, een hulpje, in de winkel loopt om cd’s op te ruimen.
Het niet echt druk in de winkel. Drie mensen bij de luisterfauteuils, waarvan twee van middelbare leeftijd en een tiener. De man aan de toonbank is van dezelfde leeftijd als de oudere eigenaar. Het zou ons niet verbazen als het familie is, de gelaatstrekken lijken immers sterk op elkaar. En dan nog twee tieners, die toch al dicht tegen de twintig jaar aan zullen zitten. Iedereen bezig met hun favoriete muziek, of juist met het vinden van onbekende pareltjes.
Één van die twintigers is een op het oog wat schuchtere jongen, hij kijkt wat schichtig om zich heen terwijl hij in de cd-bakken bladert. Zijn passen zijn onzeker. Met trillende hand pakt hij cd’s uit de bakken. Hij heeft al een klein stapeltje met cd’s in zijn handen en zoekt verder naar meer. Als hij tevreden lijkt met zijn vondst loopt hij naar de toonbank en vraagt de oudere verkoper of hij het één en ander mag beluisteren.
“Natuurlijk jongen, je hebt daar een paar mooie klassiekers in je hand”, antwoord de verkoper.
“Wil je er ook iets te drinken bij?”
De jongen schudt alleen maar zijn hoofd en wacht geduldig totdat de man alle schijfjes heeft gepakt. De man gaat de jongen voor naar een kruk aan een luisterbar, vlakbij de fauteuils. Aangezien daar geen plaats meer is voor de jongen gaat hij op de kruk zitten en wacht totdat de verkoper het eerste schijfje in de cd-speler deponeert.
“Geef maar een seintje als je één van de andere vier wilt horen”, zegt de verkoper en loopt terug naar zijn gesprekspartner.
De twintiger plaatst de koptelefoon op zijn hoofd, speelt wat met de knopjes en beluisterd rustig de door hem uitgekozen muziek. Hij gaat met zijn rug naar de luisterbar zitten en schuift zijn rugtas een stukje meer naar hem toe. Het is duidelijk een jongen die meer thuishoort in de buurt van de Buitenstraat. Hij is niet heel netjes verzorgd, zijn kleding ziet er oud uit en hij valt zelfs een beetje uit de toon in verhouding met de andere bezoekers. Zijn zwarte spijkerbroek heeft vale plekken en is op sommige plaatsen zo dun dat je er de huid doorheen ziet. Zijn overhemd is aan de grote kant en mist een paar knopen. De draadjes hangen er aan de onder kant doelloos bij.
Na een kleine 15 minuten luisteren wenkt hij de verkoper en vraagt om de volgende cd. Dit tafereel herhaalt zich zo enkele keren. De verkoper probeert wat meer in gesprek te raken met de twintiger. Hij probeer vooral op muzikaal niveau een gesprek aan te knopen. De eigenaar stelt wat vragen over de cd’s die de jongen beluisterd en vraagt door over hetgeen wat je jongen nog meer leuk vindt. Maar de jongen antwoord amper en geeft alleen wat korte antwoorden. Een erg teruggetrokken type.
Hij neemt tijdens het luisteren wel de hele winkel in ogenschouw. Kijkt bedachtzaam om zich heen en lijkt als het ware de andere aanwezigen te inventariseren. Elke nieuwe klant wordt aandachtig opgenomen door de twintiger. Iedereen die binnenkomt of weggaat neemt hij op.
Na de laatste plaat staat hij op en loopt met het stapeltje aan cd-hoesjes naar de verkoper. Hij overhandigd ze weer.
“Hier heb je ze alle vier weer. Het was niet helemaal wat ik zocht.”
“Oh, dat is jammer. Maar waar was je dan naar op zoek? Misschien kan ik je van wat tips voorzien?”, antwoordt de verkoper.
De twintiger lijkt het niet eens te horen. Hij mompelt een “Tot de volgende keer” en loopt de winkel uit. De verkoper kijkt hem bedachtzaam na, kijkt zijn gesprekpartner en schudt zijn hoofd.
“Soms”, antwoordt zijn gesprekspartner. “Soms weet je niet hoe lastig het is voor mensen om te praten.” De verkoper knikt en ze vervolgen hun gesprek.
Een klein half uur later zeggen de mannen elkaar gedag en vertrekt de klant met een drietal cd’s. Tijd voor de oudere verkoper om eens het één het ander op te ruimen.
Hij pakt een stapeltje met geluisterde cd-hoesjes en begint deze op te ruimen. Een kwestie van cd eruit, in een plastic mapje en numeriek in een la. Als de stapel weggewerkt is houdt de man alleen nog één leeg plastic mapje over. Nummer 198067, Back to the World van Curtis Mayfield.
“Michael!”, roept hij naar de jongere medeverkoper.
“Heb jij daar toevallig een cd van Curtis Mayfield in je handen?”
Michael kijkt in zijn stapeltje en schudt zijn hoofd.
“Kijk anders even in de bakken wil je! Het gaat om Back to the World, vraagt de oudere man hem.
“Is goed”, antwoordt de jongen.
Bij de soul/funkafdeling aangekomen zoekt hij de bakken af.
“Hier ligt hij ook niet!”, roept hij naar de eigenaar.
Bedenkelijk kijkt de man op en zoekt even in de computer op de voorraden. Ook daar staat dat de cd eenmaal in de winkel moet liggen. Maar in de opruimbakken ligt er geen.
Dan schiet hem de haastig vertrokken en stille twintiger hem te binnen. Dus daarom had hij zo’n haast! Hij is bestolen.

-------------------------------------------------

Written by: D.J. Reijersen (copyright)

zaterdag 23 januari 2010

Rust in het huis

Nu twee dagen helaas niks meer aan mijn tekst kunnen doen.
Wel al veel tips gekregen waar ik wat aan heb. Diegenen, zeer veel dank daarvoor!

donderdag 21 januari 2010

Let's Get It On

Marvin Gaye zong het ooit, ik deed het vandaag. Wederom weer twee A-4'tjes toe kunnen voegen aan mijn verhaal. Ik heb nu in ieder geval een sterk gevoel waar het zich naar gaat vormen in het begin. Eigenlijk best tevreden over mijn eigen werk, als dat mag.

woensdag 20 januari 2010

Het beginnetje

Hier is het beginnetje. Ik vraag jullie vriendelijk dit nergens te dupliceren:

---------------------------------------------
Je ziet ze niet vaak meer. Zo heel af en toe zijn ze er nog. Maar het is wel een kwestie van zoeken of horen van. Toch wisten we er weer één te vinden. Op de hoek waar de Buitenstraat en de Boulevardweg in elkaar over gaan. Precies op de plek waar het commerciële gedeelte van de stad overloopt in een soort achterbuurt. Geen achterbuurt in de vorm van een ghetto, maar wel een achterbuurt in de vorm van oude gebouwen en achterstallig reparatie- en restauratiewerk. Daar, op die hoek vinden we nog zo’n ouderwetse platenzaak. Zo’n heerlijk zaakje waarin de geur van kartonnen vinylhoezen je tegemoet komt. Zo’n zaakje waar ze dus ook gewoon nog vinyl verkopen. Zo’n zaakje met een brede collectie. En als niet kan vinden wat je zoekt, dan vinden zij altijd wel een manier om aan de gewenste plaat te komen. Zo’n heerlijk zaakje waar je ook op een rustige manier kan luisteren naar je stapeltje cd’s of platen die je uit de schappen hebt getrokken. Alles staat ook netjes op genre en binnen het genre op alfabet. Ze blijken gelukkig nog te bestaan, die mooie platenzaakjes.
Deze platenzaak, op de hoek waar de Buitenstraat en de Boulevardweg in elkaar overgaan, is een wat groter exemplaar. Het geluid van Sly & the Family Stone’s Stand komt je tegemoet. Op de fauteuils zitten een paar mensen onder het genot van een bakje koffie of kopje thee muziek te luisteren. Koptelefoon op het hoofd, volledig afgeschermd van de buitenwereld, vol in de sfeer van de muziek. Achter de toonbank staat een wat oudere man, de eigenaar, rustig te praten met een klant, terwijl een jongere medewerker in de winkel loopt om cd’s op te ruimen.
Het niet echt druk in de winkel. Drie mensen bij de luisterfauteuils, waarvan twee van middelbare leeftijd en een tiener. De man aan de toonbank is van dezelfde leeftijd als de oudere eigenaar. Het zou ons niet verbazen als het familie is, de gelaatstrekken lijken immers sterk op elkaar. En dan nog twee tieners, die toch al dicht tegen de twintig jaar aan zullen zitten. Iedereen op zijn eigen manier bezig met de muziek die er in de winkel te koop is.
Één van die twintigers is een wat schuchtere jongen, hij kijkt wat schichtig om zich heen terwijl hij in de cd-bakken bladert. Hij heeft een klein stapeltje met cd’s in zijn handen en zoekt verder naar meer. Als hij tevreden lijkt met zijn vondst loopt hij naar de toonbank en vraagt de oudere verkoper of hij het één en ander mag beluisteren.
“Natuurlijk jongen, je hebt daar een paar mooie klassiekers in je hand”, antwoord de verkoper.
“Wil je er ook iets te drinken bij?”
De jongen schudt alleen maar zijn hoofd en wacht geduldig totdat de man alle schijfjes heeft gepakt. De man gaat de jongen voor naar een kruk aan een luisterbar, vlakbij de fauteuils. Aangezien daar geen plaats meer is voor de jongen gaat hij op de kruk zitten en wacht totdat de verkoper het eerste schijfje in de cd-speler deponeert.
“Geef maar een seintje als je één van de andere vier wilt horen”, zegt de verkoper en loopt terug naar zijn gesprekspartner.
De twintiger plaatst de koptelefoon op zijn hoofd, speelt wat met de knopjes en beluisterd rustig de door hem uitgekozen muziek. Hij gaat met zijn rug naar de winkel zitten en schuift zijn rugtas een stukje meer naar hem toe. Het is duidelijk een jongen die meer thuishoort in de buurt van de Buitenstraat. Hij is niet heel netjes verzorgd, zijn kleding ziet er oud uit en hij valt zelfs een beetje uit de toon in verhouding met de andere bezoekers.
Na een kleine 15 minuten luisteren wenkt hij de verkoper en vraagt om de volgende cd. Dit tafereel herhaalt zich zo enkele keren. De verkoper probeert wat meer in gesprek te raken met de twintiger, vooral op muzikaal niveau. Maar de jongen antwoord amper en geeft alleen wat korte antwoorden. Een erg teruggetrokken type.
Hij neemt tijdens het luisteren wel de hele winkel in ogenschouw. Kijkt bedachtzaam om zich heen en lijkt als het ware de andere aanwezigen te inventariseren. Elke nieuwe klant wordt aandachtig opgenomen door de twintiger. Iedereen die binnenkomt of weggaat neemt hij op.
Na de laatste plaat staat hij op en loopt met het stapeltje aan cd-hoesjes naar de verkoper. Hij overhandigd ze weer.
“Hier heb je ze alle vier weer. Het was niet helemaal wat ik zocht.”
“Oh, dat is jammer. Maar waar was je dan naar op zoek? Misschien kan ik je van wat tips voorzien?”, antwoord de verkoper.
De twintiger lijkt het niet eens te horen. Hij mompelt een “Tot de volgende keer” en loopt de winkel uit. De verkoper kijkt hem bedachtzaam na, kijkt zijn gesprekpartner en schudt zijn hoofd.
“Soms”, antwoord zijn gesprekspartner. “Soms weet je niet hoe lastig het is voor mensen om te praten.” De verkoper knikt en ze vervolgen hun gesprek.
Een klein half uur later zeggen de mannen elkaar gedag en vertrekt de klant met een drietal cd’s. Tijd voor de oudere verkoper om eens het één het ander op te ruimen.
Hij pakt een stapeltje met geluisterde cd-hoesjes en begint deze op te ruimen. Een kwestie van cd eruit, in een plastic mapje en numeriek in een la. Als de stapel weggewerkt is houdt de man alleen nog één leeg plastic mapje over. Nummer 198067, Back to the World van Curtis Mayfield.
“Michael!”, roept hij naar de jongere medeverkoper.
“Heb jij daar toevallig een cd van Curtis Mayfield in je handen?”
Michael kijkt in zijn stapeltje en schudt zijn hoofd.
“Kijk anders even in de bakken wil je! Het gaat om Back to the World, vraagt de oudere man hem.
“Is goed”, antwoord de jongen en maakt zijn werkje af.
Bij de soul/funkafdeling aangekomen zoekt hij de bakken af.
“Hier ligt hij ook niet!”, roept hij naar de eigenaar.
Bedenkelijk kijkt de man op en zoekt even in de computer op de voorraden. Ook daar staat dat de cd eenmaal in de winkel moet liggen. Maar in de opruimbakken ligt er geen.
Dan schiet hem de haastig vertrokken en stille twintiger hem te binnen. Dus daarom had hij zo’n haast! Hij is bestolen!
--------------------------------------------------------

Written by: D.J. Reijersen (copyright)